|
  |
 |
Van veelbelovend speerpunt tot NIDO-programma
Elk jaar startte NIDO drie programma’s met een looptijd van twee à drie jaar.
Daarnaast heeft NIDO drie keer een extra programma in uitvoering: de winnaar van de NIDO-Sprongprijs. Het eerste NIDO-programma ging in 1999 van start.
Het laatste programma loopt tot in 2005 onder verantwoordelijkheid van MVO Nederland. Alle overige programma's zijn inmiddels met goed behaalde resultaten afgerond.
Vaste cyclus
Bij de keuze van de jaarlijkse programma’s werkte NIDO volgens een vaste cyclus.
Startpunt was een aantal veelbelovende speerpunten voor duurzame ontwikkeling. Na een nadere verkenning werden drie van de speerpunten uitgewerkt tot een NIDO-programma.
Brede inbreng
Het doel van elk NIDO-programma was om een structurele koppeling te leggen tussen economische groei en verbetering van de ecologische en sociale kwaliteit van de leefomgeving. Daarom is voor de trendanalyses en de verkenning van de speerpunten altijd de inbreng van het bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties, kennisinstellingen en de overheid gevraagd.
De programmamanager
Voor ieder programma is een ter zake kundige programmamanager aangetrokken. Deze schreef het programmaplan, waarin de beoogde resultaten en de werkwijze zijn uitgewerkt. Ook formuleerde de programmamanager de ‘sprongprojecten’ die onder de paraplu van het programma zijn uitgevoerd. Verder bracht de programmamanager de partijen bijeen die samen gaan werken aan de realisatie van het programma.
NIDO-programma’s zijn geformeerd rond de sleutelrelaties tussen een bedrijf (of ‘overheidsbedrijf’) en één van zijn stakeholders. In die sleutelrelaties wordt duurzaamheid in de eigen praktijk bewerkstelligd en in brede kring uitgedragen, zodat ook anderen de sprong naar duurzaamheid kunnen maken.
NIDO als regisseur
In deze samenwerking vervulde NIDO de rol van regisseur. De deelnemende partijen stelden hun eigen project- en onderzoeksplannen vast. De programmamanager, de procesbegeleiding en ten dele de kennisinbreng werden gefinancierd door NIDO. Voor hun eigen projecten zetten de deelnemers zelf menskracht en budget in. NIDO ondersteunde hen bij het verwerven van aanvullende expertise of financiering.
NIDO zorgde ook voor het verzamelen en het verspreiden van verworven kennis in binnen- en buitenland.
|  |
 |
| Het doel van elk NIDO-programma is geweest om een structurele koppeling te leggen tussen economische groei en verbetering van de ecologische en sociale kwaliteit van de leefomgeving. |
|
 |